Hilde Ecker Elsie De Greef Yanis Ghafil Peter Deboeck Kristien Vanhaverbeke Sonia Van Wanseele Johan Vander Meylen Egon Deyaert Nadine Maes Rudy Demol Hugo Vandaele Elke Poelaert Erik Devillé Patience N'Kamba Marc Beling Nele Van Craenem Christel Hanssens Joeri Zelck Klaas Slootmans Martin Laruelle Eddy Deknopper Katrien Van Kriekinge Kurt Moons Peter Van Rompuy Evelien De Coninck Lora Hasenbroekx Fatima Boudjaoui Jos Savenberg Hilde Ecker Elsie De Greef Yanis Ghafil Peter Deboeck Kristien Vanhaverbeke Sonia Van Wanseele Johan Vander Meylen Egon Deyaert Nadine Maes Rudy Demol Hugo Vandaele Erik Devillé Patience N'Kamba Marc Beling Nele Van Craenem Christel Hanssens Joeri Zelck Klaas Slootmans Martin Laruelle Eddy Deknopper Katrien Van Kriekinge Kurt Moons Peter Van Rompuy Evelien De Coninck Lora Hasenbroekx Fatima Boudjaoui Jos Savenberg Hugo Vandaele Nadine Maes Sonia Van Wanseele Martin Laruelle Yanis Ghafil Peter Van Rompuy Christel Hanssens Elsie De Greef Marc Beling Kristien Vanhaverbeke Lora Hasenbroekx Hilde Ecker Joeri Zelck Nele Van Craenem Eddy Deknopper Erik Devillé Katrien Van Kriekinge Jos Savenberg Johan Vander Meylen Peter Deboeck Kurt Moons Klaas Slootmans Rudy Demol Patience N'Kamba Fatima Boudjaoui Egon Deyaert Evelien De Coninck aantal voorstanders: 19 , aantal onthouders: 4 , aantal tegenstanders: 4 Goedgekeurd
De raad,
Overwegingen van de gemeenteraad
● Juridische gronden
Artikel 41, 162 en 170 § 4 van de Grondwet;
Artikel 2, 40, 41, 252, 286 t.e.m. 288 en 326 t.e.m. 335 van het Decreet over het lokaal bestuur;
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen;
Omzendbrief KB ABB 2019/2 over de gemeentefiscaliteit;
Het decreet houdende diverse fiscale bepalingen en bepalingen omtrent de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen van 23/12/2016;
Gecodificeerd Decreet over het Vlaamse woonbeleid, met latere wijzigingen, hierna Vlaamse Codex Wonen genoemd;
Besluit van de Vlaamse Regering van 11 september 2020 tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20/12/2013 houdende de uitvoering van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13/12/2013.
● Aanleiding, doel en feitelijke motivering
De financiële toestand van de gemeente;
De noodzaak van dekking van de verplichte en facultatieve uitgaven van de gemeente en van een begroting in evenwicht;
De impact van onbewoonbaar en/of ongeschikt verklaarde woningen op de lokale leef- en woonomgeving;
De verloedering van de leef- en woonomgeving dient te worden bestreden.
● Financiering
De inkomsten zijn voorzien in het financieel meerjarenplan.
VISUM FINANCIEEL DIRECTEUR
Niet van toepassing.
Besluit:
Met 19 ja-stemmen (Johan Vander Meylen, Sonia Van Wanseele, Eddy Deknopper, Lora Hasenbroekx, Nele Van Craenem, Christel Hanssens, Elsie De Greef, Hugo Vandaele, Erik Devillé, Hilde Ecker, Kristien Vanhaverbeke, Marc Beling, Nadine Maes, Peter Van Rompuy, Joeri Zelck, Katrien Van Kriekinge, Yanis Ghafil, Martin Laruelle en Jos Savenberg), 4 nee-stemmen (Klaas Slootmans, Peter Deboeck, Rudy Demol en Kurt Moons), 4 onthoudingen (Patience N'Kamba, Egon Deyaert, Fatima Boudjaoui en Evelien De Coninck).
De gemeenteraad beslist onderstaand reglement goed te keuren:
Deel 1: ALGEMEEN
Artikel 1: Belastbaar feit
§1. Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een belasting gevestigd op woningen die opgenomen zijn in de inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
§2. De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning gedurende twaalf opeenvolgende maanden opgenomen is in deze inventaris of, voor woningen die bij de inwerkingtreding van dit reglement reeds op de inventaris waren opgenomen, bij de eerstvolgende verjaardag van de inventarisatiedatum.
Zolang de woning niet is geschrapt uit deze inventaris, is de belasting van het aanslagjaar verschuldigd bij het verstrijken van elke opeenvolgende periode van twaalf maanden.
Artikel 2: Definitie
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
● een aangetekend schrijven;
● een afgifte tegen ontvangstbewijs;
● elke andere door de Vlaamse regering toegelaten betekeningswijze waarbij de datum van kennisgeving met zekerheid kan worden vastgelegd.
Woning: elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande, zoals bepaald in artikel 1.3, 66° van de Vlaamse Codex Wonen. De kwalificatie staat vermeld in het besluit waarmee de beslissing tot ongeschikt- en of onbewoonbaarheid wordt getroffen.
Kamer: een woning waarin een toilet, een bad of douche of een kookgelegenheid ontbreken en waarvan de bewoners voor een of meer van die voorzieningen aangewezen zijn op de gemeenschappelijke ruimten in of aansluitend bij het gebouw waarvan de woning deel uitmaakt, zoals bepaald in artikel 1.3, 25° van de Vlaamse Codex Wonen. De kwalificatie staat vermeld in het besluit waarmee de beslissing tot ongeschikt- en of onbewoonbaarheid wordt getroffen.
Inventaris: de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen, vermeld in artikel 3.19, §1 Vlaamse Codex Wonen.
Inventarisatiebeheerder: de gewestelijke entiteit die door de Vlaamse regering belast wordt met het beheer van de inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen.
Inventarisatiedatum: de datum waarop de woning voor de eerste maal in de inventaris wordt opgenomen of, zolang de woning niet uit de inventaris is geschrapt, het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de datum van eerste inschrijving in de inventaris.
Aanslagjaar: het aanslagjaar is het jaar waarin de belasting verschuldigd is (het aanslagjaar
loopt vanaf 1 januari van het kalenderjaar tot en met 31 december van het kalenderjaar).
Houder van het zakelijk recht: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:
● de volle eigendom;
● het recht van opstal of van erfpacht;
● het vruchtgebruik.
DEEL 2: DE VLAAMSE INVENTARIS VAN ONGESCHIKT EN/OF ONBEWOONBAAR VERKLAARDE WONINGEN
Artikel 3: Opname in de inventaris van ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen
De volgende woningen worden opgenomen in de Vlaamse inventaris van ongeschikte en/of onbewoonbaar verklaarde woningen:
De woningen worden in de Vlaamse inventaris opgenomen op de datum van het besluit van de burgemeester of, in het geval van een beslissing tot ongeschikt- of onbewoonbaarverklaring in beroep, op de datum van het besluit van de Vlaamse regering.
Artikel 4: Kennisgeving van opname in de Vlaamse inventaris van ongeschikte en/of onbewoonbaar verklaarde woningen
Voor de woningen vermeld in artikel 3.1 geldt het besluit zoals vermeld in dat artikel als registratieattest. Voor de woningen vermeld in artikel 3.2 stelt de inventarisbeheerder door middel van een registratieattest de houder(s) van het zakelijk recht in kennis van de opname in de Vlaamse inventaris.
Artikel 5: Schrapping uit de inventaris van ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen
De inventarisbeheerder schrapt uit de lijst:
Als datum van schrapping vermeldt de inventarisbeheerder:
● de eerste dag waarop de woning weer voldoet aan de vereisten en normen;
● de eerste dag van de sloop of herbestemming;
● de datum van het opheffingsbesluit van de burgemeester.
Artikel 6: Melding
Elke overdracht van het zakelijk recht van een geïnventariseerd goed moet uiterlijk één maand nà de overdracht schriftelijk gemeld worden door de overdrager van het zakelijk recht aan de inventarisbeheerder èn ook de bevoegde gemeentelijke administratie - dienst ruimtelijke ordening rom@beersel.be te 1652 Beersel – Alsembergsteenweg 1046.
In dit schrijven staat minimaal vermeld:
● de datum van de overdracht;
● de naam en het adres van de nieuwe verkrijger(s);
● de naam en de standplaats van de instrumenterende notaris voor zover van toepassing;
● de coördinaten van het betrokken onroerend goed.
DEEL 3: DE BELASTING OP DE ONGESCHIKT EN/OF ONBEWOONBAAR VERKLAARDE WONINGEN
Artikel 7: Tarief
§1. Het basisbedrag van de belasting bedraagt:
- 753,00 euro voor een kamer, zoals gedefinieerd in artikel 2;
- 1.745,00 euro voor elke andere woning.
De belasting is ondeelbaar verschuldigd per inventarisjaar.
§2. Dit bedrag wordt vermenigvuldigd met het aantal periodes van 12 maanden dat de woning zonder onderbreking is opgenomen in de inventaris van ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen, met een maximum van:
- 3.763,00 euro voor een kamer, zoals gedefinieerd in artikel 2;
- 8.724,00 euro voor elke andere woning.
§3. Het aantal termijnen van twaalf maanden dat een woning op de inventaris staat wordt niet herberekend bij overdracht van het zakelijk recht van de betreffende woning.
§4. Voormelde bedragen zijn gekoppeld aan de evolutie van de consumptieprijsindex en stemmen overeen met de index van november 2025. Zij worden jaarlijks herzien volgens het consumptieprijsindexcijfervan de maand november die aan de aanpassing voorafgaat.
Artikel 8: Belastingplichtige
De belastingplichtige is degene die houder is van één van de volgende zakelijke rechten met betrekking tot de ongeschikte of onbewoonbare woning op het ogenblik dat de belasting van het aanslagjaar verschuldigd wordt:
- de volle eigendom;
- het recht van opstal of van erfpacht;
- het vruchtgebruik.
lndien één van de zakelijke rechten, in onverdeeldheid toebehoort aan meer dan één persoon, geldt de onverdeeldheid als belastingplichtige.
Elke persoon dewelke deel uitmaakt van deze onverdeeldheid kan ten overstaan van de gemeente hoofdelijk worden aangesproken voor de totale belasting.
Artikel 9 : vrijstellingen
§1. Van de belasting zijn vrijgesteld:
Deze vrijstelling geldt niet indien de nieuwe eigenaar:
● ofwel een vennootschap of vereniging is waarin de vorige zakelijk gerechtigde rechtstreeks of onrechtstreeks participeert;
● ofwel bloed- of aanverwant is tot en met de derde graad van de vorige zakelijke gerechtigde, tenzij ingeval van overdracht bij erfopvolging of testament.
De notaris stelt de gemeentelijke administratie binnen de twee maanden na het verlijden van de authentieke overdrachtsakte in kennis van de overdracht, de datum ervan, en de identiteitsgegevens van de nieuwe eigenaar. De notaris kan daartoe het formulier gebruiken op de gemeentelijke website of beschikbaar bij de gemeentelijke diensten. Bij ontstentenis van deze kennisgeving, wordt de overdrager van het zakelijk recht als belastingplichtige beschouwd voor de eerstvolgende heffing die na de overdracht van het zakelijk recht ontstaat.
De werkzaamheden die in aanmerking komen voor deze vrijstelling moeten een einde kunnen maken aan de belaste toestand.
De vrijstelling geldt voor het aanslagjaar volgend op de datum waarop de aanvraag volledig is. De vrijstelling kan eenmaal met één aanslagjaar verlengd worden.
Dezelfde belastingplichtige kan voor dezelfde woning maximaal voor twee aanslagjaren deze vrijstelling bekomen.
De vrijstelling kan aangevraagd worden na de effectieve start van de renovatiewerken. De aanvrager dient in de aanvraag een gedetailleerd renovatieschema voor te leggen dat minstens de volgende gegevens/stukken dient te bevatten:
- de aanvangsdatum en uitvoeringstermijn van de werkzaamheden;
- een volledige opsomming en korte beschrijving van de al uitgevoerde werken/nog uit te voeren werken die een einde kunnen maken aan de belaste toestand;
- facturen van reeds uitgevoerde werken en/of facturen van aangekochte materialen;
- een fotoreportage van de uitgevoerde werken.
Controle van de voortgang van de werken ter plaatse is mogelijk en kan aanleiding geven tot het weigeren van de vrijstelling.
Deze vrijstelling is niet cumuleerbaar met de vrijstelling onder artikel 9 §1.10.
Om in aanmerking te komen voor deze vrijstelling dient de start van de werken gemeld te worden in het omgevingsloket. Controle op de effectieve start en voortgang van de werken ter plaatse is mogelijk en kan aanleiding geven tot het weigeren van de vrijstelling.
Deze vrijstelling geldt niet indien de omgevingsvergunning enkel betrekking heeft op sloop.
De vrijstelling geldt voor het aanslagjaar volgend op de datum waarop de start van de werken is gemeld in het omgevingsloket. De vrijstelling kan eenmaal met één aanslagjaar verlengd worden.
Dezelfde belastingplichtige kan voor dezelfde woning maximaal voor twee aanslagjaren deze vrijstelling bekomen.
Deze vrijstelling is niet cumuleerbaar met de vrijstelling onder artikel 9 §1.5.
§2. De zakelijk gerechtigde die gebruik wenst te maken van een vrijstelling dient zelf hiervoor schriftelijk een aanvraag met de nodige samengaande bewijsstukken in te dienen bij de administratie en dit conform het aanvraagformulier, zoals ter beschikking gesteld bij de gemeentelijke diensten of op de website. De bewijslast rust steeds bij de belastingplichtige.
§3. Een vrijstelling wordt telkens voor één aanslagjaar toegekend. Indien men zich volgens het reglement meerdere aanslagjaren kan beroepen op dezelfde vrijstellingsgrond, moet de vrijstelling elk aanslagjaar opnieuw aangevraagd worden. Bij elke aanvraag zal beoordeeld worden of aan de voorwaarde voor vrijstelling voldaan is.
§4. De belastingplichtige wordt schriftelijk in kennis gesteld of hij al dan niet recht heeft op de gevraagde vrijstelling.
§5. Als een vrijstelling wordt toegekend, blijft de woning in de inventaris staan, maar moet de belasting niet betaald worden.
Artikel 10: Wijze van inning
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen en dit overeenkomstig het decreet van 30 mei 2008, en latere wijzigingen, betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelasting.
Artikel 11: Betaaltermijn
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 12: Bezwaarprocedure
§1. De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd.
§2. Bezwaarschriften worden ingediend op volgende wijze:
○ opsturen of afgeven bij het gemeentebestuur te Beersel - H. Torleylaan 13 – 1654 Beersel
○ via mail naar belastingen@beersel.be
○ via de website van de gemeente Beersel (www.beersel.be), zodra het daartoe vereiste elektronische platform ter beschikking wordt gesteld door het gemeentebestuur.
Andere vormen van doorsturen zoals fax of elektronische toezending naar andere mailboxen van de gemeente Beersel zijn niet geldig.
§3. Het bezwaarschrift wordt op straffe van verval ingediend binnen drie maanden vanaf de datum waarop de belastingplichtige het aanslagbiljet heeft ontvangen of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Het aanslagbiljet wordt geacht ontvangen te zijn op de derde werkdag die volgt op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Als het aanslagbiljet verzonden werd via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van zijn verzending. Als het bestuur en de belastingplichtige hetzelfde informatiesysteem gebruiken om berichten elektronisch uit te wisselen, wordt het aanslagbiljet geacht ontvangen te zijn op het tijdstip waarop het aanslagbiljet toegankelijk wordt voor de belastingplichtige.
§4. Indien de belastingplichtige gehoord wil worden, dient dit uitdrukkelijk gevraagd te worden in het bezwaarschrift.
§5. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen de vijftien dagen na indiening ervan.
OVERGANGSBEPALINGEN
Artikel 13: Opname
De ongeschikt en onbewoonbaar verklaarde woningen die werden geïnventariseerd overeenkomstig de bepalingen van voorgaande belastingreglementen en die bij de inwerkingtreding van huidig reglement nog niet zijn geschrapt, blijven opgenomen in het register van de ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde woningen met behoud van de oorspronkelijke opnamedatum.
Artikel 14: Overgangsbepaling voor toegekende opschortingen
§1. Er wordt in een uitdoofregeling voorzien voor de eerder toegekende opschorting van de inning van de belasting, voorzien in artikel 8 van vorige belastingreglementen op ongeschiktheid en/of onbewoonbaarheid van woningen.
De belastingplichtige die een opschorting van de inning van de belasting toegekend kreeg op basis van het op het belastingreglement dat geldig was op het moment van de toekenning van de opschorting, behoudt de toegekende opschorting van de inning van de belasting voor de resterende toegekende looptijd en volgens de voorwaarden en modaliteiten voorzien in het desbetreffende reglement.
§2. Belastingplichtigen die eerder genoten van een opschorting van de inning van de belasting op basis van artikel 8 van vorige belastingreglementen op ongeschiktheid en/of onbewoonbaarheid van woningen, kunnen voor dezelfde woning geen beroep doen op de vrijstellingen voorzien in artikel 9 van dit reglement en dit in zoverre de looptijd van de toegekende opschorting meer bedraagt dan twee aanslagjaren.
SLOTBEPALINGEN
Artikel 15: Inwerkingtreding
Het belastingreglement treedt in werking op 01/01/2026.
Artikel 16: Bekendmaking
Dit reglement wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website en via het digitaal loket aan de toezichthoudende overheid bezorgd. Het reglement zal afgekondigd en bekendgemaakt worden overeenkomstig artikel 286 en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Register der bekendmakingen
Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.
Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie heeft plaatsgevonden.
Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.